Home Wie is Wie? Publikoses Azjenda Arsjief Verslagskes Vroogskes Lid Wedde? Links


>
Welkom / Welkum

 

De Academie van het Leuvens Dialect geeft een boek uit onder de titel “De Steen van Rosetta”.
Het gaat om een reeks korte verhalen die in de Vlaamse versie op de linkerbladzijde gedrukt werden en de vertaling ervan in het Leuvens dialect op de rechterbladzijde.
Wie geen Leuvens begrijpt kan zo op de bladzijde ernaast de betekenis in het Vlaams vinden, of  bij een vertaaloefening, van het Vlaams naar het Leuvens gaan.
Dit zou dan de analogie vormen met de historische Steen van Rosetta,
zoals deze het mogelijk maakte oude Egyptische hiërogliefen te ontcijferen dank zij een Griekse vertaling die op dezelfde steen aangebracht werd.

U vindt uiteraard op de eerste plaats een tekst over de Steen van Rosetta zelf. Deze en de andere teksten en vertalingen zijn van Bart Cardijn en Sylvain Libert,
 geïllustreerd met tekeningen van Paul Reekmans en met een voorwoord van de Burgemeester en van de Schepen van Cultuur van Leuven.
 In bijlage zal u tevens een opgave van de inhoudstafel van de verhalen vinden en u een beeld kunnen vormen van deze uitgave.

De prijs van dit boek van 130 bladzijden bedraagt 14 Euro.
 Het wordt te koop aangeboden bij de “Toerisme Leuven/IN&UIT” , Naamse straat, 1, Leuven (zijkant van  het Stadhuis).
Bij een vraag om een groter aantal exemplaren,vragen we u een bestelbon op te maken op adres van de provisor van de Academie:  bea.fluhr@skynet.be ,
waar u  uw factuurgegevens  en het leveringsadres kan vermelden. De  gevraagde exemplaren kunnen u dan op afgesproken datum en adres bezorgd worden.

 

     DE STEEN VAN ROSETTA

WOORDHISTORIES EN ANDERE HISTORIES
in ‘t Vlaams en in ‘t Leuvens

door Bart Cardijn

 in ‘t Leuvens vertaald
 door Sylvain Libert

en tekeningen van
Paul Reekmans

voorwoord door
 Louis Tobback, Burgemeester 
Denise Vandevoort, Schepen van Cultuur
van Leuven

 

Waar komen de woorden persjoenkele, concierge, commeren
 en schoonmoeder vandaan, en wat betekent pomperijen?
Wie bracht de mosterd naar hier en waar hebben de Belgen hun naam aan verdiend?
Wat zijn wizzewatkes en wat betekent “amaai”?
Hoe ontstond de barbecue en wat is de vorm van een Tarte-Tatin?
-----------------------------------------------------------------------------------------

Winter 2009-2010

Academie van het Leuvens Dialect

 

te koop bij Toerisme Leuven/ IN&UIT
Naamsestraat, 1. 3000 Leuven.

DE STIEEN VAN ROSETTA

WOUDISTOURES EN ANDER ISTOURES
in ’t Leives en in ’t Vloms

dei Bart Cardijn

In ’t Leives vertoild
 dei Sylvain Libert

en tieekeninge van
Paul Reekmans

Veiwoud dei
Louis Tobback, Bergemister
Denise Vandevoort, Sjeipene van Kultuur
van Leive

--------------------------------------------------------------------------------------------

Van woo koume de wouden persjoenkele, konsjèrsj, kommeire
en schuemoeder vanvoets, en wa betieekent pomperoë?
Wie brocht de mostood noo ie en woo emme de Belzjen enne noom
on verdiend ?
Wa zen wizzewatkes en wa betieekent “Amaai”?
Eus ontstond de barbekjoe en wa es de verm van ne Tarte-Tatin?
-------------------------------------------------------------------------------
 Winter 2009-2010

Akademie van ’t Leives Dialekt

---------------------------------------------------------------------------------

 

te keup bei Toerisme Leuven / IN&UIT
Ieeverstroot, 1. 3000 Leive.

 

 

INHOUDSTAFEL

De Steen van Rosetta

 

Gesprokkeld uit de Geschiedeni
Persjoenkele met Sint Franciscus                                         
De Mosterd en Maria Magdalena      
Vlamingen en Belgen, Arabieren en Joden
Caesar en de Belgen
Amaai en  Merde in de Provence                                       
De Achillespees van mijn Kameraad
Les Bijoux 
Barbecue
De Suisse
Tarte Tatin
                                
Woordhistories en Histories van Woorden
Commeren
Concierge
Schoonmoeder
Taffelen en Toeffelen
De Puntjes op de I , de Iota en de Jod
Is het nu Baseline of Beeslijn 

Overgang
       
Wizzewatkes
Op de Lijnbus op Straat
Broodjes op een gewone Woensdag
Jantje is zoek
De Tabak en de Fiscus
Een Doordenkertje

Kinderen, Familie en Buren
Lang geleden
Een Puistje op de Neus
Verjaardag en Ballonnetjes die opgaan
Vrijgevigheid
Aan Zee
Buren en Kinderen van nu
Stijn
Peter en Peter
Het Sneeuwtapijt en het Wonder
Uit de oude Doos
De Koffietaskes van Tante Julia
Het Luciferdoosje en de Verstandhouding
Op Reis
Reis en Tuin in Bretagne

Rond de Academie van het Leuvens Dialect
Een Geschiedenis van de Academie
De Archieven  in De Tweebronnen, met pomperijen

 

INOUDSTOFEL

De Stieen van Rosetta

Gesprokkeld oeet de Gesjiedenis
Persjoenkele mei Sint Fransiskus
De Mostood en Maria Magdalena
Vlomingen en Belzje, Arabieren en Joude
Caesar en de Belzje
Amaai en Merd’ in de Provâns
D’Achillespeis van menne Kamerood
Les Bijoux
Barbekjoe
De Swis
Tarte Tatin

Woudistoures en Istoures van Woude
Kommeire
Konsjersj
Schuemeuder
Taffele en Toeffele
De Poeinkes up d’I, de Iota en de Jod
Is ’t naa Baseline of Beesloën

Ouvergank

Wizzewatkes
Up de Loënbus en in ’t Stroot
Pistoleikes up ne gewuene  Goenstag
Zjânken es verloure
Den Teubak en de Fiskus
Vei straf noo te paze

Kinderen, Famillen en Gebiere
Lank gelê
E Poisken up de Neis
Verjoordag en Ballonnekes die upgon
Vroëgeivegoëd
On de Ziee
Gebiere en Kindere van naa
Stane
Peiter en Peiter
Et Snieetapoët en et Wonder
Oeet d’aa Dues
De Kaffeizjattekes van Tènge Zjulja
Et Alemèkkesdoeske en de Verstandouding
Up Vwajoizje
Vwajoizje en den Of  in Bretagne

Ouver den Akademie van ’t Leives Dialekt
Een Gesjiedenis van den Akademie
D’Arsjieven in De Twieebronne, mê Pomperoë
           

 

GESPROKKELD UIT DE GESCHIEDENIS
Eerst moet je wel beseffen dat de historie of de geschiedenis geen evangelie is (en evangelie geen geschiedenis is, maar dat is een andere vraag waar we ’t nu niet over hebben).
 Op school had ik ooit een leraar geschiedenis die ons verwittigde dat we bij deze dingen eens moesten nadenken. De Fransen spreken van “histoire”. Als je dit woord hardop  uitspreekt, hoor je “istwaar”, en de vraag ”is dat allemaal waar?”
 Om alle vergelijkingen met ooit bestaande personen fictief te noemen, zal ik maar zeggen dat die leraar een korte dikke was. Als zijn neus een beetje scheef ging staan, wisten we hoe laat het was. Als hij over de Franse koningen sprak, ging zijn linkeroor een beetje trillen, maar hij zei wel dat de koningen van tegenwoordig ophefmakende dingen niet meer doen, alleen sommige presidenten doen het nog. Als hij over Louis XIV sprak, was ’t precies of het ging over hem zelf. Die man heeft ons wel geleerd om “in” woorden te kijken.
Het kan dus geen kwaad er eens bij stil te staan van waar een geschiedenis of een woord komt, ook al is er soms meer dan één uitleg mogelijk en hebben we het hier soms over folklore en niet altijd over “histoire”. Als er lezers zijn die één of ander hieronder bedenkelijk vinden, vernemen we dit graag.

GESPROKKELD OEET DE GESJIEDENIS

Ten ieeste moette wel beseffe dat d’istoure of de gesjiedenis gieen evangeilen es (en evangeile gieen gesjiedenis, moo dat es een ander vroog wooda me ’t naa nit ouver emme).
Op schoul aa’k vanzelieeve ne mister gesjiedenis die ons verwittegde da me boë deis zokes nekiee moeste noopaze en gelak as de Franse spreike van histoire of “istwaar”, da woud ètup moeten oeetspreike, en dan komt de vroog “is ’t waar?”.
Vei alle vergeloëkinge mei vanzelieeve bestoinde persuene fiktief te neume, zal ‘k moo zê dat doëne mister ne ketten dikke was. As zene neis e bekke schieef gunk ston, wiste m’al eu loot dat ‘t was. As em ouver de Franse keininge sprak, gunk zen linkeruer e bekke trille, moo oë zaa wel dat de keininge van sewoudeg zokken zokes woovan da zueveil gesprouke wed nemiee deun, allieen summegte prezidènte deun et nog.
As em ouver Louis XIV sprak, was ’t persies of ‘t gunk ouver èm zèlf. Doëne man ieet ons wel gelieed vei “binne” de woude te zien.
’t Kan dus giee kood nekiee stil te ston van woo dat een istoure of e woud komt, uek al es er  sumtèds mieer as ieenen oeetleg meigeloëk en emme me ’t sumtèds ouver folklôr en niet altoëd ouver “istwaar”.

As er leizers zen die ’t ieen of ’t ander ie onder verkieed vinge, dan uere me da jêre.

 

cd

Onze CD is te verkrijgen op onderstaande adressen

 

Café TEMPO - De Becker Remyplein, 52 - Kessel-Lo

 

Café Pigeon D'Or - Tiensesteenweg, 2 - Heverlee

 

Marcel Dujardin - Blijde Inkomststraat 102 - Leuven

 

marcel.dujardin@skynet.be

 

Flory Vloebergs - Guido Gezellelaan, 19 - Herent

 

floryvloebergs@hotmail.com

 


Uittreksel uit de statuten van 29 juni 1995
art.3: De vereniging heeft tot doel het Leuvens dialect te  bestuderen en zijn kennis en gebruik in stand te houden en aan te moedigen.
Ze neemt alle initiatieven die daar rechtstreeks of onrechtstreeks toe bijdragen

 

Alhoewel de statuten van 1995 dateren, bestaat de vereniging al sinds maart 1990 als feitelijke vereniging.
In februari 1990 staken 7 Leuvenaars de koppen bijeen en besloten wat te doen om hun geliefd dialect in stand te houden. De tijd dat dialect praten in scholen bestraft werd was blijkbaar voorbij.
Meer en meer bleven studenten die in Leuven afstudeerden hier ook plakken en inwijking uit andere regio's - zeker na de fusie - bleken het eigen dialect wat in de verdrukking te brengen.
Tijdens een persconferentie in Oratoriënhof werd de nieuwe vereniging boven het doopvond gehouden en ingewijd met "geruef, Pieterman en Leivese mastelle".
Het initiatief trof zeker een gevoelige snaar want zeer snel overschreden we de kaap van 500 leden. In de beginperiode was het nog wat zoeken en tasten naar een neutraal lokaal. Achtereenvolgens De Spuye (Volmolen), dan Thierbrau om uiteindelijk een vaste stek te vinden in Café Krüger waar o.m. ook de gagband Spinosj zijn repetities hield.
Er werd maandelijks druk vergaderd en honderden woorden en uitdrukkingen verzameld, genoteerd en op hun 'Leives' zijn getest.
Meteen stelde zich het probleem van de schrijfwijze van ons Leives. Alleen specialisten konden vlot fonetisch lezen en schrijven. Wij dienden dus snel een eigen schrijfwijze te ontwikkelen. Een kleine commissie hield zich daar mee bezig en kwam met het resultaat voor de dag, gebaseerd op de Nederlandstalige spraakkunst, dat aanvaardbaar was en dat later zelfs - mits enkele aanpassingen - navolging vond in de schrijfwijze van een aantal Brabantse dialecten.
De volgende grote opdracht was het samenstellen van een 'Leivesen Diksjonêr'. Bij ons vijfjarig bestaan konden we die officieel voorstellen en tot onze grote verbazing was de eerste oplage na drie maanden uitverkocht en dienden we een tweede druk te bestellen. Die helaas ook reeds is uitverkocht.
Vanaf de startperiode werd ook begonnen met een eigen driemaandelijks tijdschrift "Ons Leives" dat alle leden toegestuurd krijgen.

baar4

Aleuwel de statiete van 1995 zen, bestoot de verieeneging al van mêt 1990 as foëteloëke verieeneging.
In febrewores stoke 7 Leivenieers de koppe boëieen en besloute van iet te deun vei ènne dialekt in ieere t’ave. Den toed da dialekt spreiken in ‘t school gestraft wid, was persies verboë.
Mieer en mieer bleive de studente die in Leive studeide ie uek plèkke en inwoëking uit ander streike – zeikes noo de fuzie – deigen ons oëge dialect e bekken in de verdrikking koume.
Toëdes een perskonferènse in Tertourenof wid de nief verieeneging bouve den duepvont gave en ingewèd mei ‘geruef’, Pieeterman en Leivese mastelle.
Dat inisjatief rokte zeikes een geveulege snoor want al ieel rap wore der mieer as 500 leide. In ‘t begin emme me ewa moete zieken en tasse vei e neutrool lokool te vinge. D’ieest was dat den Tierbraa, dan De Spuye (Volmeile), vei dan oeetèndeloëk vaste veut te vinge in Café Krüger woodat teun de gekinde Leivese gagband ‘Spinosj’ uek repeteide.
Ieder moind wid vergoderd en onderde wouden en oeetdrikkinge gekolleksjoneid, genoteid en getèst up enne Leives zoën.
Direkt zote me mei ‘t probleim van de schroëfwoëze van ons Leives. Allieen spesjaliste kinne vlot foneitisch schrift leizen en schroëve. Woële moeste dus rap een oëge schroëfwoëze ontwikkele en up poent stelle.
Een klaan kommisse ield zich doomei beizeg en kwamp mei e rezultoot vei den dag, gebazeid up de Neiderlandstolege sprookkinst, dat ongenoume wid en da loter zelfs, mits ieenegte onpassinge, nogevolgd wid vei de schroëfwoëze van versjillende ander Brabantse dialekte.
De volgende gruete updracht was et somestelle van ne Leivesen Diksjonêr. Teun da me 5 joor bestonte, emme me doënen offisjeil kinne veistelle en tot ons gruete verbozing was den ieesten drik al noo droë moinden oeetverkocht en moeste me nen twidden drik moke. Die spoëteg genug uek allank oeetverkocht es !
Vanaf onze start zen m’ uek begonne mei een oëge droëmoindeloëks toëdschrift “Ons Leives” dat on alle leide wed teugestied.

 

© 2007 - Akademie van 't Leives  

terug naar boven